Hoor! Gospelzang, trompetgeschal,

         ’t halleel – uw Naam is groot.

         Loof God die machten breken zal

         en van hun tronen stoot.

Zo luidt de nieuwe tekst van strofe 18 van lied 737 uit het Liedboek. Een krachtige hertaling. Willem Barnard zou deze regels zelf geschreven kunnen hebben.

Wat wil het geval? De golf van verontwaardiging over de dood van George Floyd -‘Black lives matter’- gaf vorig jaar ook opnieuw voedsel aan het breken van de staf over de eerdere tekst. De oude strofe werd gewraakt, de dichter van racisme beschuldigd, het lied in de ban gedaan.

Even treurig als grotesk. Maar weinig regels in het Liedboek immers nemen zo krachtig afstand van voortwoekerend racisme en antisemitisme als juist deze. En de dichter registreerde het, zijn tijd ver vooruit.

Ja, hij dichtte over ‘negers met hun loftrompet’ en ‘joden met hun ster’. Hij ziet hen, ‘achteropgezet’ en met hun littekens van ‘altijd weer gekrenkt geluk’ (strofe 10), vooropgaan in de optocht naar de stad van het gezamenlijk verlangen.

Levende taal is altijd in beweging. Onvermijdelijk. ‘Onnozel’ (lied 510) betekende in de dagen van Vondel wat anders (onschuldig) dan vandaag en een halve eeuw geleden klonk ‘neger’ nog niet beladen. Wie de lieddichters postuum verwijt slachtoffers van de kindermoord of de mensen van de zwarte burgerrechtenbeweging nog een trap na te geven, moet of onwetend zijn of ten prooi aan morele ijdeltuiterij. In zijn dagboeken noemt Willem Barnard dat ‘mentaal kolonialisme’ of ‘zelfvoldaan gebabbel van dominees die zeggen op te komen voor de verdrukten’.

Jammer dat ook de krant weer kiest voor sensatie boven ambachtelijk journalistiek handwerk. “Er is een nieuwe versie van het Jeruzalemlied van Willem Barnard, zonder woorden met racistische lading”, aldus de eerste regel. Alsof de oude versie die racistische lading wel had.

Twee van de vier nieuwe regels acht de krant niet eens een vermelding waard. Niet de minste bovendien: ze verbinden een verwijzing naar Keti Koti (het feest van de ‘verbroken ketenen’) direct met woorden uit de lofzang van Maria. Laat het maar veel gezongen worden: “Loof God die machten breken zal / en van hun tronen stoot”.

Klaas Holwerda